Naar de inhoud
De Mahabharataopnieuw verteld

Begrip

bhikshu

De rondtrekkende asceet die leeft van wat men hem geeft. Het is een van de vier levensfasen (hoofdstuk 11).

De ware bhikshu, de rondtrekkende asceet die leeft van wat men hem geeft, oefent geen ambacht uit, beheerst zijn zinnen, heeft geen vrouw, slaapt nooit onder het dak van een huisvader en trekt elke dag een klein stukje verder, zodat hij een groot land doorreist.

De eerste keer, in Vijf gouden wagens (hoofdstuk elf, boek 1)

Waar het voorkomt

  1. Vijf gouden wagensHoofdstuk elf · boek 1