Naar de inhoud
De Mahabharataopnieuw verteld

Personage

Airavata

de naga

Twee broers onder de naga's, die Utanka in zijn lofzang noemt (hoofdstuk 2). Airavata is niet de olifant van Indra. Dhritarashtra draagt dezelfde naam als de blinde koning.

Utanka bezong de slangen: 'Slangen, onderdanen van de naga-koning Airavata, schitterend in de strijd, die wapens laten neerkomen als bliksemgeladen wolken voor de wind; mooi en van vele gedaanten, getooid met veelkleurige oorringen, stralend als de zon aan het hemelgewelf.

De eerste keer, in De oorringen van de koningin (hoofdstuk twee, boek 1)

In de verhalen

  1. De oorringen van de koninginHoofdstuk twee · boek 1
  2. Shesha draagt de aardeHoofdstuk vijf · boek 1
  3. De raad van de slangenHoofdstuk zes · boek 1
  4. BlijfHoofdstuk zeven · boek 1
  5. UlupiHoofdstuk elf · boek 2