Naar de inhoud
De Mahabharataopnieuw verteld

Begrip

vina

De luit (hoofdstuk 7 en 11).

De lucht hing vol hemelse geuren en lag bezaaid met hemelse bloemen; ze weergalmde van pauken en van het gegons van ontelbare stemmen, van fluit, vina en trommel, zodat de wagens van de goden nauwelijks een weg door het hemelgewelf vonden.

De eerste keer, in Het schot (hoofdstuk zeven, boek 2)

Waar het voorkomt

  1. Het schotHoofdstuk zeven · boek 2
  2. RaivatakaHoofdstuk elf · boek 2