Boek 1 · Hoofdstuk tien, Kacha
De put
De goden leerden van Kacha de wonderlijke kunst en vonden dat ze hun doel al bereikt hadden. Ze kwamen bij Indra, de god van de honderd offers. 'De tijd is gekomen om uw kracht te tonen,' zeiden ze. 'Versla uw vijanden.'
'Goed,' zei Indra, en met de goden trok hij op. Onderweg zag hij een groep meisjes die in een meer speelden, in de tuinen van Chitraratha. Ze hadden hun kleren op de oever gelegd. Indra veranderde zich in wind en gooide de kleren door elkaar.
Even later kwamen de meisjes uit het water en liepen naar hun kleren, die door elkaar op een hoop lagen. Sharmishtha, de dochter van Vrishaparvan, pakte de kleren van Devayani, zonder te weten dat ze niet van haar waren. Daarover kregen de twee ruzie.
Lees het hele verhaal in hoofdstuk tien, Kacha
In hetzelfde hoofdstuk
De lijn van Manu; Kacha en de kunst van het terugroepen; Devayani in de put; het ashokabos.