Boek 1 · Hoofdstuk elf
De ouderdom
Yayati keerde terug naar zijn hoofdstad, gebogen onder de ouderdom. Hij riep zijn oudste zoon Yadu bij zich, die ook de bekwaamste was.
'Mijn jongen,' zei hij, 'door de vloek van Shukra zijn ouderdom, rimpels en wit haar over me gekomen. Maar ik heb nog niet genoeg genoten van mijn jeugd. Neem jij mijn zwakte en mijn ouderdom over, Yadu, dan geniet ik met jouw jeugd. Als er duizend jaar voorbij zijn, geef ik je je jeugd terug en neem ik mijn zwakte en mijn ouderdom terug.'
'Ouderdom brengt ontelbare ongemakken mee, bij het eten en bij het drinken,' zei Yadu. 'Daarom neem ik uw ouderdom niet, koning. Dat is mijn besluit. Wit haar, somberheid, slappe spieren, rimpels over het hele lichaam, misvormingen, zwakke ledematen, uitmergeling, niet meer kunnen werken, verslagen worden door je vrienden en gezellen: dat zijn de gevolgen van ouderdom. Ik wil haar niet. U hebt veel zonen, en van sommigen houdt u meer. U kent de voorschriften van de dharma. Vraag een andere zoon uw ouderdom te nemen.'
Lees het hele verhaal in hoofdstuk elf, De ouderdom
In hetzelfde hoofdstuk
Yayati's ouderdom en val, Indra's vraag, de vijf gouden wagens; het huis van Puru tot Shantanu.