Boek 2 · Hoofdstuk vijf, De dochter uit het vuur
Vijf keer
Het verhaal van de brahmaan trof de zonen van Kunti als pijlen, en de broers verloren hun rust. Ze zaten er lusteloos bij en luisterden nergens meer naar. Kunti zag het, en ze zei tegen Yudhishthira:
'We wonen nu al vele nachten in het huis van deze brahmaan, en we hebben het in deze stad goed gehad. We leefden van wat eerlijke, voorname mensen ons gaven. Maar alle mooie bossen en tuinen in deze streek hebben we nu zo vaak gezien dat ze ons geen plezier meer doen, en de giften komen hier ook niet meer zo makkelijk als eerst. Als je wilt, gaan we nu naar Panchala. Dat land hebben we nooit gezien, en het zal ons vast bevallen. Men zegt dat er in Panchala ruim gegeven wordt, en dat koning Drupada de brahmanen eert. Ik vind het niet verstandig lang op één plek te blijven. Daarom wil ik er graag heen, mijn zoon, als jij dat ook wilt.'
Lees het hele verhaal in hoofdstuk vijf, De dochter uit het vuur
In hetzelfde hoofdstuk
Draupadi's vuurgeboorte; vijf keer om een man gevraagd; de gandharva en de verbrande wagen; Tapati.