Naar de inhoud
De Mahabharataopnieuw verteld

Boek 2 · Hoofdstuk zes, De huispriester

Blijf, als je kunt

Verteld door Vaishampayana; in het verhaal nemen ook anderen het woord. Ongeveer 5 minuten lezen.

'Ik wil meer horen over de rishi die je Vasishtha noemde,' zei Arjuna, want wat hij over de kracht van Vasishtha's ascese had gehoord, had hem nieuwsgierig gemaakt. 'Vertel me alles over hem, koning van de gandharva's. Wie was die rishi, de huispriester van onze voorvaders?'

'Vasishtha is de zoon die Brahma uit zijn geest voortbracht,' antwoordde de gandharva, 'en de man van Arundhati. Begeerte en Woede, die zelfs de onsterfelijken moeilijk overwinnen, had hij met zijn ascese bedwongen, en ze wreven zijn voeten. Vishvamitra had hem zwaar gekrenkt en zijn woede gewekt, en toch roeide Vasishtha de Kushika's niet uit, het geslacht van Vishvamitra. Toen hij om het verlies van zijn zonen treurde, deed hij Vishvamitra niets aan dat hem had kunnen vernietigen, alsof hij machteloos was, al was hij dat niet. Zoals de oceaan zijn kusten niet overschrijdt, zo overschreed Vasishtha de wetten van Yama niet door zijn kinderen uit het rijk van de doden terug te halen. Doordat ze hem hadden, de man die zichzelf overwonnen had, konden Ikshvaku, de stamvader van een groot koningsgeslacht, en andere koningen de hele aarde verwerven. Met Vasishtha als huispriester brachten die koningen vele grote offers, en hij hielp hen daarbij. Zoek daarom ook zelf een geleerde brahmaan die zijn zinnen beheerst en dharma, voorspoed en verlangen kent, en maak hem je huispriester, Arjuna: wie de aarde wil veroveren, moet een brahmaan voor zich uit laten gaan.'

Lees het hele verhaal in hoofdstuk zes, De huispriester

In hetzelfde hoofdstuk

Vasishtha en Vishvamitra; Kalmashapada; Parashara en Aurva; het vuur in het water; de huispriester Dhaumya.