Naar de inhoud
De Mahabharataopnieuw verteld

Personage

Madri

In boek 1 · Het huis van de Kuru's

De zuster van Shalya, de koning van Madra. Bhishma haalt haar als tweede vrouw voor Pandu (hoofdstuk 14). Met de mantra van Kunti krijgt ze van de Ashvins Nakula en Sahadeva (hoofdstuk 16). Na de dood van Pandu bestijgt ze zijn brandstapel (hoofdstuk 16).

In boek 2 · De leerjaren

De tweede vrouw van Pandu, de moeder van Nakula en Sahadeva, die in boek 1 met Pandu stierf.

Arjuna is de stam, Bhima de takken, de tweeling Nakula en Sahadeva, de zonen van Pandu's tweede vrouw Madri, zijn de rijpe vruchten en de bloemen, en de wortels zijn Vasudeva, Brahma en de brahmanen.

De eerste keer, in Het woord Jaya (hoofdstuk één, boek 1)

In de verhalen

  1. Het woord JayaHoofdstuk één · boek 1
  2. Vaishampayana begintHoofdstuk acht · boek 1
  3. De delen van de godenHoofdstuk acht · boek 1
  4. Het huis van Puru (treedt zelf op)Hoofdstuk elf · boek 1
  5. De krans (treedt zelf op)Hoofdstuk veertien · boek 1
  6. Honderd pottenHoofdstuk veertien · boek 1
  7. Het hert (treedt zelf op)Hoofdstuk vijftien · boek 1
  8. Vijf zonen (treedt zelf op)Hoofdstuk zestien · boek 1
  9. De lente (treedt zelf op)Hoofdstuk zestien · boek 1
  10. De kop van de vogelHoofdstuk twee · boek 2
  11. De gurudakshinaHoofdstuk twee · boek 2
  12. VaranavataHoofdstuk drie · boek 2
  13. EkachakraHoofdstuk vier · boek 2
  14. Deel het samenHoofdstuk acht · boek 2
  15. Het geluk van de Kuru'sHoofdstuk negen · boek 2
  16. Waar Krishna isHoofdstuk negen · boek 2

Vet: Madri treedt er zelf in op.